Blogreeks Veiligheid is (g)een spelletje
Een jaar geleden. Ik moest thuis blijven. Want ja, ik woon in Brabant. Het ziekenhuis lag snel vol. En het was stil op straat. Erg stil. Angstaanjagend. Dat virus dat een maand ervoor nog iets was als ‘Oh ja, wat erg in China’ was met het vliegtuig meegekomen. En er was ook angst. Angst voor het ziek worden. Ik hield me graag aan de regels, angstvallig. Maar het duurde lang. Te lang. Onvrede. Geen perspectief. En oh, wat was het toch lastig voor mij om niet te weten. Hoe ga ik daar mee om ?!?
Een spelletje spelen. Leuk. Lol. Adrenaline. Winnen en verliezen. Maar vooral verliezen. Daar heb ik zo’n hekel aan. Laat mij dan maar verliezen, dacht ik als kind vaak. Nee, ik hou dus niet zo van die spelletjes. Dacht ik altijd. Totdat ik een prachtige droom kreeg. Van spelende kinderen. Ik werd wakker en ik wist het. Ik wil spelen! Hoezo? Dacht ik nog. Dat is toch niets voor mij? Ik ben vooral serieus. Veiligheid is een serieus vak. Waar zeker geen spelen bij hoort. Of toch wel?
Veiligheid is geen spelletje. En zo is het. Afgelopen jaren heb ik me samen met mijn collega’s verdiept in het ontstaan van circa 32.000 arbeidsongevallen in 15 jaar tijd. Verhalen gelezen van slachtoffers met gebroken benen, armen en enkels. Maar ook vingeramputaties, dwarslaesies en slachtoffers die overlijden door een arbeidsongeval. Serieuze zaak. Maar wat nou, als ik mezelf eens uitdaag. Eens de andere kant probeer: Veiligheid is een spelletje. Wat gebeurt er dan?